![]()
Geen
overheersing door een vreemde natie, maar de unieke taak om zo'n 15.000
Belgische militairen en talloze burgers op te vangen, die gedurende vier
jaar werd uitgevoerd door inwoners van Harderwijk. In hoeverre was en is
onze betrokkenheid, gastvrijheid en tolerantie uniek? Hoe hebben de inwoners
van Harderwijk én de Belgen deze opgedrongen samenleving ervaren?
En hoe kijken we er nu op terug? Daarover gaat de tentoonstelling 'Achter
den Pinnekesdraat: 15.000 Belgen in Harderwijk (1914-1918)', die vanaf 27
juni is te zien in het Stadsmuseum Harderwijk.
De expositie is het resultaat van nauwe samenwerking tussen het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe en het Stadsmuseum Harderwijk. Ze geeft de bezoeker een vernieuwde kijk op de periode waarin de bevolking op de Noordwest-Veluwe grotendeels Belgisch was.
Toen de Eerste Wereldoorlog in augustus 1914 uitbrak sloegen bijna 2 miljoen
Belgen op de vlucht. Hiervan zochten 1 miljoen hun heil in Nederland. Dit
waren zowel burgers als militairen. In Nederland kwam de opvang van deze
vluchtelingenstroom snel op gang en er werden twaalf militaire en tien burgerkampen
ingericht. Drie kampen verrezen in Harderwijk.
In het Interneringskamp Harderwijk werden zo'n 15.000 militairen als krijgsgevangenen
ondergebracht. De barakkenkampen Leopoldsdorp en Heidekamp net buiten de
stad waren bedoeld voor burgers, voornamelijk gezinnen van geïnterneerde
militairen. Daarnaast is een groot aantal vluchtelingen opgevangen bij particulieren.
De tentoonstelling illustreert met een grote rijkdom aan foto- en ander
materiaal hoe de kleine, tamelijk besloten gemeenschap in Harderwijk, gedurende
vier jaar in vrede met deze tweemaal zo grote vluchtelingen gemeenschap
kon leven.
Ook ziet u hoe de ca. 15.000 ontheemde Belgen erin slaagden om gedurende
vier jaar, afgesneden van hun door oorlog verwoeste en verscheurde vaderland,
in een vreemde omgeving, met zeer beperkte bewegingsvrijheid, zonder al
te grote sociale en mentale problemen, te overleven.
In
verschillende thema's komen aan bod: de organisatie in het Interneringskamp,
de voedselvoorziening, de hygiëne en gezondheidszorg, het onderwijs,
de tewerksteling buiten het kamp, de communicatie met het thuisfront, de
kunstnijverheid, de creatieve en lichamelijke ontwikkeling, het geestelijk
leven, het herstel van het gezinsleven, het nationaal gevoel, het heimwee
en de wanhoop en wat ons resteert uit die periode.
De realisatie van het project is een co-productie van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe en het Stadsmuseum Harderwijk. Zeer bijzonder zijn de archiefstukken, die nu aan een groot publiek getoond worden. Nostalgisch de vele foto's van Belgen, die zich veelvuldig voor barakken lieten fotograferen om deze daarna als ansichtkaart naar huis toe te sturen. Dat de wielerbaan, die op het terrein van het Interneringskamp vaak voor officiële wedstrijden gebruikt werd, de langste van Europa was, weten slechts weinig personen.